De bomen

De bomen, die de landen sieren:
de wilgen en de populieren
zij lijken daar op wacht te staan
en geven om ons te plezieren
de weidsheid van de polder aan.

De bomen in de winterkou
schrijven hun namen in het blauw.



De bomen in de lentezon
verkleuren als een kameleon
geluidloos, naar het nieuw seizoen
van heel vaag roze tot lichtgroen.

In trotse volle zomerbomen
vinden de vogels onderkomen
en door de dag van lieverlee
schuilt daar het schaduwzoekend vee.

De herfst trekt nieuwe tinten aan
van roodbruin, oker en saffraan.

Maar breekt de winter zich ruim baan
dan laten zij hun bladeren gaan,
dan schrijven zij, natuurgetrouw
hun namen weer in 't hemels blauw.

Vorige
Overzicht
Volgende

© 2011, Corrie Groeneveld - van Staveren